Column: hoeveel u kunt verdienen met beleggen?

Gemiddeld heeft de Amerikaanse aandelenmarkt tussen 1802 en 2018 elke tien jaar een verdubbeling laten zien. Dit zijn reële rendementen, dat wil zeggen exclusief inflatie.

Het komt er dus op neer dat de koopkracht van de belegger ook met 100% per tien jaar stijgt. Gemiddeld op jaarbasis is het rendement 6,8%. Dat 10 keer 6,8 minder is dan 100, komt door het rendement-op-rendement-effect. Een rendement van precies 6,8% is echter zelden te zien. Het is een stuk meer wanneer beleggers enthousiast zijn, terwijl er ook genoeg jaren zijn waarin aandelen met tientallen procenten dalen.

Perioden

Maar het gemiddelde kwam gedurende verschillende economische perioden redelijk in de buurt van de 6,8%. In de agrarische periode die loopt van 1802 tot 1870 was het rendement 6,7%. In de industriële periode van 1871 tot 1925 was dat 6,6% en in de periode van de diensten- en informatie-economie van 1926 tot heden was het rendement 6,8%. De slechtste jaren waren van 1966 tot 1981, met een jaarlijks reëel rendement van 0,4% negatief. Dat waren vijftien jaren waarin de koopkracht van de belegger met 5,9% afnam. Hierop volgende de beste periode voor aandelen. Tussen 1982 en 1999 stegen aandelen met 13,6% per jaar. De koopkracht van de belegger nam over deze periode toe met 874%. Kijken wij naar de hele periode van 1966 tot 1999, dan staat het rendement op 6,0%. Niet precies 6,8%, maar het komt wel in de buurt.

Vijf keer hoger

Rendementen komen niet toevallig tot stand. Neem nou het begin van de beste periode van 1981. De verhouding tussen de stand van de S&P500 en de winst van de bedrijven die in deze index zaten was 5. Dit betekent dat de opgetelde koersen van aandelen vijf keer hoger waren dan de opgetelde winsten. In 1966 was dit getal niet 5, maar 25! Wanneer de prijs van 25 keer de winst naar vijf keer de winst gaat, dan is het niet vreemd dat de rendementen van aandelen in deze periode extreem laag waren. De daling van de waardering komt overeen met een koersdaling van 80% (20/25). Die is zo groot dat het verlies niet kan worden gecompenseerd door winstgroei. Wanneer vervolgens de verhouding tussen koers en winst weer flink stijgt, kan er juist een gouden periode voor aandelen aanbreken.

Extremen

Het probleem met beleggen in de brede Amerikaanse index is dat het ongewis is wanneer de verhouding tussen koers en winst gaat stijgen of dalen. Er zijn in de geschiedenis namelijk talloze extremen op de borden gekomen. De S&P500, de belangrijkste Amerikaanse graadmeter, staat op 2810. Met de waardering van 1981 zou de stand 575 punten zijn. Komt de waardering uit 1999, dan zou de stand 3830 bedragen. De enige zekerheid die de belegger heeft is dat hoe langer hij belegt, hoe meer zijn rendement in de buurt van de 6,8% per jaar komt.

The post Column: hoeveel u kunt verdienen met beleggen? appeared first on Beleggers Belangen.

Beursnieuws
Advies en Analyse